De Ikken in ons allemaal


Jij hoort er niet bij!

“Ik ben het helemaal zat met je, jij doet altijd de dingen verkeerd, en weet je wat het ergste is? iedereen ziet het, iedereen ziet dat je het fout doet en dat je het niet kunt, jij bent een sukkel, een loser. En ik luister ook niet naar je excuses waarom het fout gaat, want je kunt zeggen wat je wil, ik geloof je tóch niet, jij, jij …… Grrrr!!!!

En nu kan je wel zielig gaan zitten doen, jezelf klein maken en weglopen voor wat je gedaan hebt, het maakt allemaal niet uit. Je bent het zelfs niet waard naar te luisteren of te kijken. Niemand voelt de behoefte om jou te helpen, je hoort er gewoon niet bij. En kijk maar naar de anderen, hoe ze op je reageren. Ze zien je niet staan en ze zullen je niet geloven. Jij hoort er niet bij, hoor je?”

Herken je deze monoloog, deze tirade?

Herken je het gevoel dat er op volgt? Het gevoel van jezelf helemaal opblazen en jezelf verkrampen? Het gevoel van het bijna machteloos zijn je tranen tegen te houden? Het gevoel misschien zelfs wel jezelf te verbieden om verdrietig te zijn om wat je fout gedaan hebt? Herken je het?

Het eerste verhaal is echter geen monoloog, het is geen eenrichtingsverkeer. Er is namelijk altijd een ontvanger, er is altijd iemand of iets aan de andere kant. Niemand zal iets zeggen zonder daarmee een ander of iets anders te willen bereiken. Alleen de andere kant is in het verhaal ook onbelicht, het mag er ook niet zijn van de (kwade) spreker: “jij hoort er niet bij“.

Maar wie is dan die ander? Wat is die andere kant?

Inmiddels zal je het al wel begrepen hebben, je bent het zélf, jij bent béide kanten. Je kent ze alleen nog niet allebei even goed. Daarom het volgende verhaaltje:

Ze komen wél hoor.

We zitten op een bankje in het park. We hebben afgesproken dat we hier om half zes zouden zijn en dat we dan allemaal samen naar het restaurant gaan in de stad. Het duurt en duurt en rond ongeveer zes uur zegt het kleine kind naast me: “Ik denk niet dat ze nog komen, ze hebben vast geen zin om met ons te gaan eten, zullen we maar weer naar huis gaan? Ik wil naar huis!  Ze komen toch niet!, Kom, we gaan

“Nee hoor”, antwoord ik stil, zacht en vriendelijk, “ze komen wel, ze hebben vast vertraging of ze staan in de file. En bovendien is het juist ontzettend leuk om met ons allen te eten. Waarom zouden ze gaan eten met mensen die niet gezellig zijn, nee joh, ze komen echt, geloof me. En bovendien, het is dubbel feest want vandaag ben jij erbij en jij bent gewoon hartstikke leuk gezelschap en dus we gaan er een knalfuif van maken! Wacht maar eens af, het wordt feest!”

De Ikken in ons

En zo zit ik nog even op het bankje in mezelf met mijn kleine Ik te praten, hem aandacht te geven en aardig en lief voor hem te zijn.

Dat heeft elk kind namelijk nodig: liefde en aandacht. En omdat het kind in ons altijd blijft bestaan moeten we ons ervan bewust zijn dat ook de aandacht en de liefde voor dat kind altijd gevoed blijft.

We hebben allemaal meerdere “Ikken” ins ons, we bestaan allemaal uit meerdere Ikken.

Het eerste verhaal is denk ik voor meer mensen herkenbaar dan het tweede. Voor sommigen klinkt het tweede misschien zelfs een beetje vreemd. En dat is het niet!

Want het tweede is het belangrijkste verhaal, het tweede is het verhaal van de liefde, het verhaal van de liefde voor het kind. Een kind wordt groot met liefde en blijft klein zonder liefde, het groeit niet zonder liefde maar het zal er altijd naar smachten.

En als je het eerste verhaal herkent bij jezelf, in één of andere vorm?

Bedenk dan dat dát het verhaal is van de kritische vader of moeder die ook in jou zit, als één van die Ikken die in je leven. Het is de kritische ouder die altijd zegt dat het niet genoeg is wat je doet, die altijd bevestigt dat je het allemaal niet kunt. Waarvoor je het eigenlijk nooit goed kunt doen.

En als je het herkent, dan is het moment gekomen om het tweede verhaal te beléven. Het verhaal van de voedende ouder, de ouder die het kind steunt en die zegt dat het erbij mag horen en dat wat het doet goed is, dat jij het kunt. Want ook die ouder is in ons allemaal. Het is de ouder die de behoefte van het kind in ons (her)kent en die het kind voedt. En door deze voeding zal het kind in ons groeien, niet letterlijk maar groeien in termen van geluk.

Oefening baart kunst

Probeer het eens met een simpele oefening. Neem ’s ochtends als je voor de spiegel staat in de badkamer een moment tijd voor jezelf, kijk jezelf eens diep in je ogen. En zeg dan:

Hé, wat leuk je weer te zien, ik ben blij dat je er bent, we gaan er een leuke dag van maken“.

En na een tijdje, als je “geoefend” raakt in het jezelf voeden op deze manier, dan mag je er nog bij zeggen “ik hou van je, je bent het waard om van te houden“.

Uiteindelijk is deze laatste zin de uitdaging maar begin eenvoudig, maak het jezelf niet te “moeilijk”, wees mild voor jezelf, mild voor het kind in jou,

en heb een fijne dag!

Advertenties

Over Eric de Waard | deWaardcoaching

Ik begeleid particulieren en professionals bij vraagstukken op het gebied van persoonlijke en professionele ontwikkeling en bij organisatievraagstukken. Kijk voor meer informatie op www.dewaardcoaching.nl
Dit bericht werd geplaatst in Mensen onder elkaar en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

3 reacties op De Ikken in ons allemaal

  1. Judith Ruijs zegt:

    Wat een inspirerende BLOG! Ik kan er weer helemaal tegenaan!

  2. Caroline zegt:

    Dank je voor dit mooie verhaal en de analyse. Zo herkenbaar en goed om je regelmatig bewust van te zijn. Ik ga weer even bewust liefde geven aan het kind in mij!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s